• english
  • french
  • belgian
Belgian

De tocht

Een Australische tocht aan het Westelijk Front

Het is 133 kilometer over de weg van Ieper in België naar Péronne in Frankrijk. Het landschap tussen de twee steden – over West-Vlaanderen in België en de Franse gewesten in het noorden, Pas-de-Calais en de Somme – is bezaaid met herinneringen dat hier ooit een uitgestrekt en historisch slagveld lag. Middenin de velden, in bochten van landwegen, op heuvels en in dorpen, stadjes en grote steden bevinden zich honderden begraafplaatsen. Hier liggen de slachtoffers van slagen waarvan de namen ooit in de hele Engelstalige wereld bekend waren – Somme, Ieper, Arras, Vimy, Bullecourt, Loos, Amiens. Het noordelijke derde deel van het Westelijk Front liep tijdens de Eerste Wereldoorlog van 1914 tot 1918 door dit gebied. Verantwoordelijk voor de verdediging ervan waren de strijdkrachten van Groot Brittannië en het Britse Rijk die bijeen waren gebracht in een samengevoegd leger – de Britse Expeditie Strijdkrachten (BEF).

De mannen van de Australische Imperiale Strijdkrachten kwamen in april 1916 naar het Westelijk Front. Ze stonden bekend als de ’Diggers’ en gingen ten zuiden van de Franse stad Armentières de loopgraven in. Van die tijd tot begin oktober 1918 vochten ze in bijna alle grote militaire acties van de BEF tegen het Imperiale Duitse leger. Op 11 november 1918 werd de wapenstilstand afgekondigd, terwijl de AIF voorbereidingen voor een nieuwe aanval maakte. Gedurende twee en een half jaar vochten 295.000 Australische soldaten aan het Westelijk Front en vielen er 179.537 – 60 procent – slachtoffers. Meer dan 46.000 van hen werden in de strijd gedood of stierven aan hun verwondingen.

Tussen Ieper en Péronne, en soms iets verderweg, liggen 28.512 Australiërs in begraafplaatsen die door de Commonwealth War Graves Commission worden onderhouden. Ieder heeft een grafsteen waarop een naam, eenheid en overlijdensdatum is gegraveerd.

Verder liggen er 7.200 mannen begraven die niet konden worden geïdentificeerd en op hun grafstenen staan opschriften als ‘Een Australische soldaat van de Eerste Wereldoorlog – door God gekend’ of ‘Een Australische korporaal van de Eerste Wereldoorlog – door God gekend’. Deze mannen vormen een deel van de ‘vermisten’ die een ‘onbekend graf’ hebben. Het andere deel van de ‘vermisten’ bestaat uit 11.078 Australiërs waarvan nooit iets gevonden is dat begraven kon worden. Samen zijn er 18.278 ‘mannen met een onbekend graf’. Hun namen worden op monumenten herdacht.

De Meenseweg, Ieper, 14 september 1917. [AWM E00700]

De Meenseweg, Ieper, 14 september 1917. [AWM E00700]

Deze website is en tocht naar 40 belangrijke lokaties langs de oude BEF-sectie van het ‘Westelijk Front’: van Nieuwpoort, aan de Noordzeekust van België, naar Parijs. De meeste van deze sites vertellen wat er met de ‘diggers’ gebeurde op plaatsen zoals de Meenseweg, Mesen, Fromelles, Flers, Dernancourt en Montbrehain. Tegenwoordig is er niet veel meer te zien om een beeld te krijgen van het Westelijk Front dat toen een doolhof van loopgraven en een landschap vol kraters was. Als u echter in Toronto Avenue Cemetery in Ploegsteert Bos staat of over de wegen bij de Somme rijdt, krijgt u een idee van de vreselijke aard van de strijd die eens in dit landschap woedde. Bij ieder monument en op elke begraafplaats wijzen de herdachte namen op persoonlijke verhalen en het verdriet dat het overlijden van elke man zijn verre familie en vrienden aandeed.

Op zo’n tocht is het onmogelijk om niet op te merken dat Australiërs als onderdeel van een enorme Geallieerde strijdmacht vochten die uit soldaten van veel landen samengesteld was. Sommige van de bezochte lokaties vertellen zowel van de ervaringen van Britse, Canadese en Newfoundlandse soldaten als van het enorme bloedvergieten tijdens de pogingen van de Fransen om het Duitse leger van haar grond te verdrijven. De onderhandelingen die een einde maakten aan de gevechten (maar niet aan de oorlog) kunt u aanvoelen in het woud van Compiègne. Hier werd de wapenstilstand getekend, die op het ‘elfde uur van de elfde dag van de elfde maand’ van kracht ging.

Het kasteel van Versailles gezien vanuit de tuin. [DVA]

Het kasteel van Versailles gezien vanuit de tuin. [DVA]

Aan het eind van de tocht ligt in Parijs het prachtige kasteel van Versailles waar voor de eerste keer een minister-president van het Gemenebest van Australië de naam van Australië op een belangrijk internationaal verdrag, de ‘Vrede van Versailles’ schreef. Op die dag, 28 juni 1919, was de ‘Grote Oorlog’ met Duitsland eindelijk afgelopen.

De informatie die over de verschillende lokaties aangeboden wordt, is geen expliciete geschiedenis van wat er met de AIF of de soldaten van andere landen op deze plaatsen gebeurde. Het materiaal wil de mogelijkheid bieden aan degenen die de plaats opzoeken, of deze online onderzoeken, die enig begrip willen krijgen waarom een bepaalde Australische eenheid een bepaalde plek uitkoos om een monument te plaatsen of waarom de personen die in een bepaalde begraafplaats begraven liggen, inzicht bieden in vergeten slagen en gevechten. De website bestrijkt zowel alle grote AIF-monumenten in Frankrijk en België als monumenten en lokaties die centraal staan in het Australische verhaal zoals de Menenpoort of het landschap rond het Franse dorp Flers aan de Somme.

Op elke lokatie schetst de uitleg van de site, waar toepasselijk, de verhalen van Australiërs die hier vochten. Het betreft meestal individuele soldaten die slechts bekend waren bij diegenen die met hen vochten. De bijdragen van de leiders en hoog onderscheiden mannen van de AIF worden elders uitgebreid beschreven – in officiële geschiedenissen, geschiedenissen van eenheden, historische publicaties en tentoonstellingen. Voor degenen die het volledige en ingewikkelde verhaal van de deelname van Australië aan gevechten in Frankrijk en België tussen 1914 en 1918 willen begrijpen, zijn er een groot aantal links en referenties op de site.

Veel Australiërs zullen nooit het oude Westelijk Front kunnen bezoeken om zelf te zien waar mannen en vrouwen van alle delen van het Gemenebest uit alle lagen van de gemeenschap vochten en stierven. Op de website zijn daarom tientallen recente foto’s van grafstenen, begraafplaatsen, monumenten en Franse en Belgische landschappen te zien. Aanvullend zijn er foto’s die tussen 1916 en 1918 door Britse en Australische officiële oorlogsfotografen genomen werden en dikwijls zowel de afschuwelijke omstandigheden laten zien waarin soldaten aan het Westelijk Front vochten als beelden van gebieden aan de frontlinie. Er is ook gebruik gemaakt van de grote collectie officiële Australische kunstwerken uit de oorlog die ondergebracht zijn in het Australian War Memorial in Canberra. Dikwijls kan een schilder het emotionele gevoel van een plaats of ervaring beter weergeven dan een camera.

Er is geen bepaalde manier om deze Australische tocht door het Westelijk Front te ondernemen. Reizigers die beslist alles willen zien wat er te zien is, zouden hun tocht bij de Noordzeekust van België kunnen beginnen waar, aan het uiterste eind van de frontlinie, Australische tunnelgravers in de zandduinen groeven. De reizigers kunnen daarna zuidwaarts naar Parijs gaan.

De toren van het Australische nationale oorlogsmonument, Villers–Bretonneux. [DVA]

De toren van het Australische nationale oorlogsmonument, Villers–Bretonneux. [DVA]

Andere bezoekers hebben misschien slechts tijd voor één belangrijke site zoals het Australische nationale oorlogsmonument in Villers-Bretonneux, of om het beroemde spelen van de Last Post onder de Menenpoort in Ieper bij te wonen.

De duizenden Australiërs die naar Parijs gaan zonder noordwaarts te reizen naar de Somme of Vlaanderen, zouden de Galerie des Glaces (Spiegelhal) in het kasteel van Versailles kunnen bezoeken om het belang voor de geschiedenis van het land te voelen van het tekenen van de Vrede van Versailles op 28 juni 1919 door minister president Billy Hughes.

‘Virtuele’ toeristen kunnen natuurlijk overal vrij rondkijken.

Hoe we de tocht ook maken, we mogen de Australiërs van vroeger niet vergeten die heel graag naar Frankrijk en België wilden komen, maar nooit de gelegenheid hadden. In de tijd na de Eerste Wereldoorlog rouwde men in duizenden huizen in heel Australië om het verlies van iemand die naar de oorlog vertrok en nooit meer terugkeerde. Die generatie leed op enorm grote schaal persoonlijke verliezen. De echtgenotes, moeders, vaders, broers, zussen, neven, nichten en vrienden van diegenen waarvan de graven en monumenten duizenden kilometers ver weg lagen, leefden in een tijd waarin buitenlandse reizen ver buiten het bereik van gewone mensen lag.

De wereld is echter kleiner geworden. Duizenden mensen gaan nu naar Gallipoli en velen brengen ook tijd door aan het oude Westelijk Front. Terwijl we begraafplaatsen en monumenten bezoeken, zouden we een klaproos kunnen leggen voor degenen die nooit de gelegenheid hadden om zelf een bezoek te brengen en we zouden het leed van de mensen thuis kunnen herinneren, zoals één Australische moeder die haar zoon op 25 april 1915 in Gallipoli verloor. Acht jaar na de oorlog schreef ze:

[Als] ik alleen maar je graf zou kunnen zien, zou ik gelukkig sterven.

Foto van brancarddragers. [AWM E00746]


Deze site wordt regelmatig aangevuld. Zie de Updates pagina voor regelmatige nieuwe toevoegingen.

© 2008 Department of Veterans' Affairs and Board of Studies NSW :: Last update - November 2008