Ieper, De Menenpoort
Hij is hier
Plumer’s treffende woorden – Hij is hier – omvatten wat veelal in de eerste plaats gezien wordt als de opzet van de Menenpoort. Dat is om iedereen die in de Salient gesneuveld is en geen ‘bekend graf’ heeft, met naam te herdenken. En met ‘hier’ worden vooral de stenen panelen bedoeld die de muren bedekken onder de grote bogen van het monument en langs de twee zijtrappen naar loggia’s met uitzicht over de stadswallen. De panelen tonen de namen per eenheid, met rangen en onderscheidingen, van meer dan 54.000 ‘vermisten’. Hun stoffelijke overschotten liggen of in de begraafplaatsen van de Salient of onder grafzerken met opschriften als ‘een soldaat van de Eerste Wereldoorlog, Door God Gekend’ of ‘een Australische soldaat van de Eerste Wereldoorlog, Door God Gekend’ of zijn voor altijd in de grond van Vlaanderen verloren gegaan.
Op de panelen van de Menenpoort staan de namen van 6.208 mannen van het Australische leger. De zestig infanterie bataljons van de AIF zijn allemaal vertegenwoordigd. Het 45ste Bataljon, New South Wales, had het hoogste aantal ‘vermisten’: 191. Hulpeenheden zoals de artillerie, het medisch korps, de strijdkrachten, genieofficieren, pioniers, tunnelcompagnies, cavalerie en mortiergeschut zijn er ook. Het is interessant om te weten dat het Australische Machinegeweer Korps de grootste verliezen leed, met 244 namen. Registers bij de Menenpoort bevatten een alfabetische lijst van alle namen op het monument met daarbij het paneelnummer waarop de soldaat herdacht wordt.
Een document in de Australian War Memorial geeft een indruk van de impact van de strijd om de salient bij Ieper op Australische families. Dit is een lijst van alle Australische namen op de Poort, waarschijnlijk samengesteld in 1927 of 1928 uit de officiële registers die werden gemaakt door de Imperial War Graves Commission. De lijst onthult dat uit bijna elke gemeenschap in Australië in die tijd minstens één soldaat bij Ieper werd ‘vermist’. Sommige bladzijden staan boordevol namen die geregistreerd zijn voor hoofdsteden, voorsteden en plattelandssteden; andere hebben maar één naam. Die komen vaak uit geïsoleerde plaatsen op het platteland in West-Australië, Zuid-Australië of Queensland.
Belgische soldaten marcheren door de Menenpoort in Ieper op 28 mei 1914, enkele maanden voor de Duitse invasie van België in augustus 1914. De oude middeleeuwse ‘poort’ was in die tijd slechts een opening in de 17de eeuwse stadswallen ter verdediging van de stad, waardoor de weg naar de stad liep. [Foto Anthony, Ieper, Stedelijke Musea, Ieper]
De namen uit een district kunnen de lokale chronologie van de dood en het lijden onthullen dat door de Ieper Salient veroorzaakt werd. Een voorbeeld hiervan is de stad Roma in het zuiden van midden Queensland van waar 13 namen van soldaten voorkomen op de lijst in de Australian War Memorial. Ze stierven allemaal in 1917. William Walters, 12de Bataljon, werd in juni gedood in de nasleep van de Slag om Mesen en Edward Tardent, 42ste Bataljon, op de eerste dag van de Derde Slag om Ieper, 31 juli. Ernest Davies, 9de Bataljon, verdween op 20 september bij de Slag om Menin Road. Neill Crawford, 31ste Bataljon, Julian Thomas, 31ste Bataljon en David Murphy, 15de Bataljon, werden nooit meer gezien na de Slag om Polygon Wood op 26 september. Op 4 oktober, bij de Slag om Broodseinde verloren Oliver Cromwell, Australische Machinegeweer Korps, en Albert Yeoman, 42ste Bataljon het leven. En bij het laatste offensief naar Passendale tussen 9 oktober en 1 november verloor Roma ook Stephen Brett, 26ste Bataljon, Alfred Danman, 26ste Bataljon, Alfred Stein, 9de Bataljon, William Waters, 12de Bataljon en Edward Williams, 35ste Bataljon.
Lakenhal bij de Menenpoort, een Henry Fullwood, 1919. [waterverf en gouache met houtskool, AWM ART02452]
Paneel met de naam van sergeant Thomas Henry Fraser, Australische Pioniers, Menenpoort, Ieper. [DVA]
Bij elke naam hoort een verhaal van strijd en familieverdriet. Maar welke naam zullen we eruithalen, welk verhaal zullen we vertellen? Een naam springt naar voren springt uit een foto van een onbekende vrouw die een krans legt bij een Australische sectie van de Menenpoort in de jaren ‘20 of ‘30. Ze staat naast Paneel 31 en de naam onder de krans is van sergeant Thomas Henry Fraser. Fraser, een 26 jaar oude civiel-ingenieur en gemeentelijke opzichter van Williamstown, Victoria, meldde zich in januari 1916 in Melbourne aan. Hij kwam terecht bij het 2de Pionier Bataljon en was tegen het eind van juli 1917 in rang bevorderd als soldaat tot sergeant. Dit was tot grote ontsteltenis van zijn vader, Alexander Fraser, die zoals blijkt uit brieven van sergeant Fraser’s AIF dossier in de Nationale Archieven van Australië, zowel naar de militaire auroriteiten schreef als naar een lid van de Federale Regering die een kennis van hem was, de Hon Sir Robert Best, MHR voor Kooyong. Het argument van Fraser’s vader was eenvoudig – zijn zoon, een hoog gekwalificeerd man werd slechts als handarbeider gebruikt bij de pioniers. Bovendien hadden, volgens de heer Fraser, andere gemeentelijke opzichters met gelijkwaardige kwalificaties die zich hadden aangemeld, geweigerd om gebeurtenissen in Groot-Brittannië af te wachten in verband met een benoeming, zoals sergeant Fraser gedaan had, en een hogere rang gekregen door het relevante officierstrainingskamp in Australië bij te wonen alvorens naar het buitenland te gaan. Sir Robert overhandigde de zaak aan de secretaris van het leger, met een verzoek of er iets gedaan kon worden aan de zaak van sergeant Fraser. De zaak werd in oktober 1917 volop onderzocht toen het 2de Pionier Bataljon in actie was in de Ieper Salient vocht.
Soldaat Robert Porter maakte die dag deel uit van in Fraser’s eenheid:
We maakten een weg … dichtbij Ieper, nabij een plaats die Hellfire Corner genoemd werd, om ongeveer 6 uur ‘s avonds op 15 oktober 1917. We legden planken en Fraser liep een stukje vooruit met een ketting toen een granaat van de Duitsers dicht bij hem ontplofte en hem doodde. Hij werd aan de kant van de weg begraven, niet ver van waar hij viel. Er werd een groot kruis neergezet.
Australian Red Cross Wounded and Missing Enquiry Bureau file, Sergeant Thomas Fraser, http://www.awm.gov.au/cms_images/1DRL428/00013/1DRL428–00013–1110306.pdf
Vrouw met een krans bij de Menenpoort in de jaren 20. Onder de krans staat de naam van sergeant Thomas Fraser, Australische Pioniers. [Foto Daniel, Ieper, Stedelijke Musea, Ieper]
Porter’s beschrijving van Fraser’s dood werd bevestigd door andere getuigen die de begrafenis ook vernoemden en dat zijn naam en zijn nummer op het kruis vermeld werden. Fraser’s familie werd met deze gegevens ingelicht en in Fraser’s officiële legerdossier in de Nationale Archieven van Australië staat de volgende aantekening – ‘Begraven N van Pank Road W van Tractor NO van Y Wood 2 en een halve mijl bij Ieper vandaan’. Toen het slagveld echter na de oorlog ontruimd werd, werd het kruis naar Hooge Crater Cemetery overgeplaatst, niet ver van de lokatie die in het dossier aangegeven was. Zijn moeder, Harriet Fraser, verzocht en ontving foto’s van het kruis van haar zoon maar heeft waarschijnlijk niet in de gaten gehad dat het kruis door de autoriteiten een ‘herdenkingskruis’ genoemd werd. Wat er precies gebeurde is onduidelijk, maar Fraser’s stoffelijke overschot is nooit gevonden of als het gevonden was, kon het niet goed geïdentificeerd worden. Het is mogelijk dat hij ten ruste is gelegd tussen de 178 onbekende Australische graven op Hooge Crater. Daarom, ondanks de begrafenis en de registratie van het graf en de lokatie door de autoriteiten, bevindt sergeant Thomas Fraser zich nu tussen de ‘vermisten’ en wordt aldus herdacht op de Menenpoort, één Australisch verhaal van de 54.000 soldaten die op deze panelen herdacht worden.
Deze site wordt regelmatig aangevuld. Zie de Updates pagina voor regelmatige nieuwe toevoegingen.
© 2008 Department of Veterans' Affairs and Board of Studies NSW :: Last update - November 2008
![Rouwkransen, Menenpoort, Ieper. [DVA]](/menin-gate/images/mg-5-tn.jpg)
![Belgische soldaten marcheren door de Menenpoort in Ieper op 28 mei 1914, enkele maanden voor de Duitse invasie van België in augustus 1914. De oude middeleeuwse ‘poort’ was in die tijd slechts een opening in de 17de eeuwse stadswallen ter verdediging van de stad, waardoor de weg naar de stad liep. [Foto Anthony, Ieper, Stedelijke Musea, Ieper]](/menin-gate/images/menin-7-tn.jpg)
![De Menenpoort in 1913. [Foto Anthony, Ieper, Stedelijke Musea, Ieper]](/menin-gate/images/menin-2-tn.jpg)
![Lakenhal bij de Menenpoort, een Henry Fullwood, 1919. [waterverf en gouache met houtskool, AWM ART02452]](/menin-gate/images/awm-art02452-tn.jpg)
![Paneel met de naam van sergeant Thomas Henry Fraser, Australische Pioniers, Menenpoort, Ieper. [DVA]](/menin-gate/images/mg-7-tn.jpg)
![Vrouw met een krans bij de Menenpoort in de jaren 20. Onder de krans staat de naam van sergeant Thomas Fraser, Australische Pioniers. [Foto Daniel, Ieper, Stedelijke Musea, Ieper]](/menin-gate/images/menin-3-tn.jpg)