• english
  • french
  • belgian
Belgian

De Menin Road

Map icon

 

Karren, affuiten en dode paarden – Hellfire Corner en Menin Road South Cemetery

De Menenpoort gezien van buiten de stadswallen bij Ieper. [DVA]

De Menenpoort gezien van buiten de stadswallen bij Ieper. [DVA]

Straatnaambord voor de Meenseweg, de ‘Menin Road’, voorbij de Menenpoort, Ieper. [DVA]

Straatnaambord voor de Meenseweg, de ‘Menin Road’, voorbij de Menenpoort, Ieper. [DVA]

Gezicht op de Meenseweg, de ‘Menin Road’, Ieper. [DVA]

Gezicht op de Meenseweg, de ‘Menin Road’, Ieper. [DVA]

Bovenop het monument de Menenpoort staart een stenen leeuw in oostelijke richting naar het oude slagveld van de Iepers Salient. Constante beschietingen van beide kanten veranderde de Salient in een door de mens gecreëerde wildernis van gebroken bomen, kraters, opgeworpen aarde en, als het regende, modder. Tegen 1917 waren de velden allang verdwenen en de dorpen waren een hoop puin waar soms de gevallen muren van een kerk nog overbleven om de plaats aan te geven. Dwars door deze woestenij liep de Meenseweg van de ruïnes van Ieper in zuidoostelijke richting naar de lage heuvelrug van het Geluveld-plateau.

Het slagveld achter Hooge waar over de Australiërs oprukten tijdens de Slag om Menin Road op 20 september 1917. [AWM E02079]

Het slagveld achter Hooge waar over de Australiërs oprukten tijdens de Slag om Menin Road op 20 september 1917. [AWM E02079]

Terwijl ze over de weg naar de frontlinie trokken liepen de soldaten spitsroeden vanwege vijandelijke beschietingen die verweg en dichtbij vliegende aarde opgooide. Dichter bij de linie mengde het lawaai van ontploffende granaten zich met het geratel van machinegeweren en geweren. Naast de weg, over het hele landschap, lag de woestenij van de oorlog:

… brancarddragers lopen door de modder om de gewonden weg te dragen … dokters en hospitaalsoldaten werken in hun hemdsmouwen, zelfs in de regen … overal, over de hele weg en aan de kant geduwd, lagen gebroken karren, affuiten en dode paarden. Je kon niet praten het kanongebulder was zo ontzettend … aan beide kanten zag je niets dan modder, kilometers modder.

Korporaal J Pincombe, 1ste Bataljon, Queen’s Westminster Rifles, geciteerd in Lynn MacDonald,They Called it Passchendaele, Londen, 1979, blz.139

Dode paarden, Menin Road, Ieper, 13 september 1917. [AWM E00734]

Dode paarden, Menin Road, Ieper, 13 september 1917. [AWM E00734]

De Meenseweg, Ieper, 14 september 1917. [AWM E00700]

De Meenseweg, Ieper, 14 september 1917. [AWM E00700]

Overal lagen doden. Van de gelukkigen werd hun laatste rustplaats met een kruis of een geweer aangeduid dat rechtop in de grond stak, soms met een stalen helm erop. Vele anderen verdwenen eenvoudigweg terwijl hun lichamen zich met de blubber en modder mengden:

… als het meegaf onder je voeten wist je dat je op een lijk stond. Het was angstaanjagend. Je stond misschien op de maag die gromde terwijl alle lucht uit het lichaam geblazen werd. Je haar ging ervan overeindstaan. Het stonk zo dat je bijna moest overgeven.

Soldaat C Miles, 10de Bataljon, Koninklijke Fuseliers, geciteerd in Lynn MacDonald,They Called it Passchendaele, Londen, 1979, blz.186

Modder, Ieper, oktober 1917. [AWM E00870]

Modder, Ieper, oktober 1917. [AWM E00870]

Doden, Slag om Menin Road, 20 september 1917. [AWM E00766]

Doden, Slag om Menin Road, 20 september 1917. [AWM E00766]

Hellfire Corner, Menin Road, 27 september 1917. [AWM E01889]

Hellfire Corner, Menin Road, 27 september 1917. [AWM E01889]

Demarcatiesteen bij de Hellfire Corner rotonde, die het verste punt aangeeft van de Duitse oprukking naar Ieper tijdens de Eerste Wereldoorlog. [DVA]

Demarcatiesteen bij de Hellfire Corner rotonde, die het verste punt aangeeft van de Duitse oprukking naar Ieper tijdens de Eerste Wereldoorlog. [DVA]

Opschrift, demarcatiesteen bij de Hellfire Corner rotonde, die het verste punt aangeeft van de Duitse oprukking naar Ieper tijdens de Eerste Wereldoorlog. [DVA]

Opschrift, demarcatiesteen bij de Hellfire Corner rotonde, die het verste punt aangeeft van de Duitse oprukking naar Ieper tijdens de Eerste Wereldoorlog. [DVA]

Straatnaambord, Hellfire Corner rotonde, voor de Meenseweg, de ‘Menin Road’, Ieper. [DVA]

Straatnaambord, Hellfire Corner rotonde, voor de Meenseweg, de ‘Menin Road’, Ieper. [DVA]

De Hellfire Corner rotonde, op de Meenseweg, Ieper. [DVA]

De Hellfire Corner rotonde, op de Meenseweg, Ieper. [DVA]

De Meenseweg begint tegenwoordig net buiten de Menenpoort en maakt bij de eerste kruising een scherpe bocht naar rechts. Van hieruit loopt de weg door de buitenwijken van de stad naar een rotonde op de vlakte waar de N37 naar links richting Zonnebeke gaat. In 1917 was dit ‘Hellfire Corner’ levendig door Charles Bean werd beschreven als een punt dat doorlopend werd beschoten.

Gezicht op de Meenseweg, de ‘Menin Road’, in de richting van Hooge. [DVA]

Gezicht op de Meenseweg, de ‘Menin Road’, in de richting van Hooge. [DVA]

Klik hier om de archieffilm te zien Verderop lag het kleine plaatsje Hooge, waarvan alle sporen van de kaart gewist waren en even naar het noorden lagen het meer van Bellewaerde en Chateau Wood, maar die nu ‘bare trunks’ (kale boomstompen) en ‘foul pool’ (smerige plas) genoemd werden. Daarachter lag een half-moeras dat naar Westhoek Ridge leidde en tijdens Britse aanvallen in augustus 1917 tijdens de eerste weken van het grote ‘Offensief van Vlaanderen’ ingenomen werd. Midden september 1917 bereidde de AIF zich voor op een aanval vanaf Westhoek Ridge in oostelijke richting naar Polygon Wood vanaf een frontlinie die zich net achter Hooge bevond.

De eerste Australiërs die in 1917 in dit gebied vochten waren artilleristen. Midden juli 1917 werd het geschut van de AIF gestaag ten noorden en zuiden van de Meenseweg in de strijd gebracht ter ondersteuning van het massieve openingsbombardement van het Offensief van Vlaanderen. Meer dan tien dagen lang vuurden zo’n 3.000 geweren van alle maten en soorten ongeveer vier en een kwart miljoen granaten op de Duitsers af. Het lawaai was in Londen te horen, 190 kilometer verderop. Voor degenen in de buurt van het geschut, moet het overweldigend geweest zijn:

Australische artilleristen laden een houwitzer, Ieper, september 1917, [AWM E04736]

Australische artilleristen laden een houwitzer, Ieper, september 1917, [AWM E04736]

Het gedreun is gewoon vreselijk. Niemand zou het zich voor kunnen stellen, tenzij ze het zelf meegemaakt hadden. Niets dan enorme opspuitende vlammen, gillende en fluitende granaten, en dreunende en knallende kanonnen. Soms wordt het zo afschuwelijk …het is gewoon één grote dreunende, kloppende, schuddende, donderende vlammenzee.

Luitenant Cyril Lawrence, 1ste Veldcompagnie, Australische genieofficieren, geciteerd in Nigel Steel en Peter Hart, Passchendeale: The Sacrificial Ground, Londen, 2001, blz.208

De artilleristen, Frankrijk, H. Septimus Power. 1924, olieverf op linnen [AWM ART09100] Munitiedepot, Meenseweg, 17 oktober 1917. [AWM E01991]

Gebruikte granaathulzen, Meenseweg, 27 september 1917. De granaten werden door de Australische artillerie tijdens de Slag om Menin Road op 20 september 1917 afgevuurd.[AWM E00810] Een gecamoufleerde Australische houwitzer in actie, Ieper, september [AWM E00693]

Een Australische artilleriestelling bij Hooge, 11 oktober 1917. [AWM E04533]

Australische artillerie bij Ieper, 1917

Veel Australische artilleristen werden gedood door Duits tegenvuur, waaronder ook luitenant Arthur Walker van de1ste Divisie Sein Compagnie, die probeerde telefoondraden naar een stelling aan het front te verbinden. Walker is één van de vermisten wiens naam op de Menenpoort geregistreerd is.

Australische seiners leggen een telefoonkabel bij Hooge, 20 september 1917. [AWM E00859]

Australische seiners leggen een telefoonkabel bij Hooge, 20 september 1917. [AWM E00859]

Maar het grootste karwei voor de eerste grote Australische aanval van het ‘Offensief van Vlaanderen’ die voor 20 september 1917 voorbij Hooge gepland was, was om communicatiemiddelen op te zetten waardoor artillerie, munitie en andere voorraden aangevoerd kon worden om nieuw overwonnen stellingen en verder geplande aanvallen te ondersteunen. Terwijl de duizenden infanteristen van de 1ste en 2de Australische Divisies midden september aan hun langzame tocht naar de frontlinie begonnen, werkten honderden Australische pioniers en genieofficieren aan de aanleg van wegen en paden over de woestenij tussen Ieper en Hooge. Een hoogtepunt van deze prestatie was de ‘plankweg’ die van de Meenseweg tot ongeveer een kilometer voor Hooge naar het noordoosten rond het meer van Bellewaerde en de overblijfselen van Chateau Wood liep. Elke dag werden tonnen planken op vrachtwagens uit Ieper vervoerd en aan de kant van de weg bij Hellfire Corner neergelegd. Hier werden ze verzameld door 120 Australische karren die door paarden getrokken werden en naar het bouwterrein gebracht, waar ze door de wegenbouwers zelf verder werden gedragen.

Bord voor het Bellewaerde Park, even voorbij Hooge, waar Chateau Wood ongeveer lag en waar de Australiërs zich bevonden toen ze begonnen met hun opmars naar Polygon Wood bij de Slag om Menin Road op 20 september 1917. [DVA]

Bord voor het Bellewaerde Park, even voorbij Hooge, waar Chateau Wood ongeveer lag en waar de Australiërs zich bevonden toen ze begonnen met hun opmars naar Polygon Wood bij de Slag om Menin Road op 20 september 1917. [DVA]

Bellawaerde Park, Hooge.

Bellawaerde Park, Hooge. [DVA]

Bellawaerde Park, Hooge.

Bellawaerde Park, Hooge. [DVA]

Pret in Bellewaerde Park, Hooge. [DVA]

Pret in Bellewaerde Park, Hooge. [DVA]

Australische soldaten in Chateau Wood, bij Hooge, 29 oktober 1917. [AWM E01220-1]

Australische soldaten in Chateau Wood, bij Hooge, 29 oktober 1917. [AWM E01220-1]

Australische pioniers leggen een plankweg, Chateau Wood, bij Hooge, 26 september 1917, [AWM E00800]

Australische pioniers leggen een plankweg, Chateau Wood, bij Hooge, 26 september 1917, [AWM E00800]

Planken voor het maken van plankwegen (bekend als ‘corduroy’ wegen), Meenseweg, 20 september 1917. [AWM E00861]

Planken voor het maken van plankwegen (bekend als ‘corduroy’ wegen), Meenseweg, 20 september 1917. [AWM E00861]

Om ontdekking door de vijand te voorkomen werd dit transport ‘s nachts uitgevoerd, maar het was een hachelijke onderneming. Het gebied werd regelmatig door de Duitsers beschoten en met mosterdgas besproeid. Toen vóór hen de eenrichtingverkeersweg door explosies werd stukgegooid, moesten de Australische menners stil bij hun beesten blijven zitten tot deze weer gerepareerd was. Majoor Russell Manton van het 15de Bataljon Australische Veldartillerie herinnerde zich de beproeving van de paarden:

… de dieren wisten op den duur wanneer een granaat in de buurt neerkwam; en als de paarden het gefluit hoorden van een naderend salvo, begonnen ze te beven, schuifelden ze dichter naar hun menners en begroeven hun neuzen tegen de borst van de mannen.

Russell Manton, geciteerd door Charles Bean, The Australian Imperial Force in France, 1917, Official History of Australia in the War of 1914–1918, Volume 1V, blz.729

Australische menners en hun paarden van de artillerie bij het stalletje van de Australian Comfort Fund bij de Menin Road, 21 oktober 1917. [AWM E01097]

Australische menners en hun paarden van de artillerie bij het stalletje van de Australian Comfort Fund bij de Menin Road, 21 oktober 1917. [AWM E01097]

Charles Bean prees de Australische menners hemelhoog: ‘bescheiden mannen van het platteland’ die kalm afwachtten terwijl de breuk in de weg gerepareerd werd en een ontredderd karrenteam misschien snel verwijderd werd – ‘De beheerste efficiëntie en zelfdiscipline van deze vastberaden mannen was even geweldig als enige andere prestatie in van Australiërs in de oorlog’.

Lopende gewonden die voor de ingang van de verbandplaats aan de Meenseweg rusten, dicht bij de plaats waar Menin Road South Cemetery zich nu bevindt, september 1917. [AWM E01909]

Lopende gewonden die voor de ingang van de verbandplaats aan de Meenseweg rusten, dicht bij de plaats waar Menin Road South Cemetery zich nu bevindt, september 1917. [AWM E01909]

Menin Road South Cemetery, Ieper.

Menin Road South Cemetery, Ieper. [DVA]

Grafsteen van menner Joseph Flanagan, 19de Bataljon (New South Wales), Menin Road South Cemetery, Ieper. [DVA]

Grafsteen van menner Joseph Flanagan, 19de Bataljon (New South Wales), Menin Road South Cemetery, Ieper. [DVA]

Bewijs van de opoffering van diegenen die achter de linies werkten is te zien in Menin Road South Cemetery aan de rechterkant van de weg op ongeveer een halve kilometer afstand van de ‘Hellfire Corner’ N8/N37 rotonde. Hier ligt in perceel I, rij U, graf 2 menner Joseph Flanagan van het 19de Bataljon uit Paddington, Sydney, New South Wales begraven. Op 18 september 1917 bevond Flanagan, een veteraan van Gallipoli die bekend stond als ‘Moe’, zich in zijn kar met een vracht munitie op de Meenseweg bij Hellfire Corner, toen een granaat recht onder het voorstel ontplofte en hem en de paarden doodde. Volgens ooggetuigen had Flanagan ‘een paar lelijke klappen gekregen’.

Ook de Australische tunnelgravers worden op Menin Road South vertegenwoordigd. De 1ste Australische Tunnel Compagnie bouwde de ondergrondse schuilholen om de infanterie te beschermen en te verbergen en delen van het 12de Bataljon (Tasmanië en West-Australië) waren ondergebracht in één van deze schuilholen bij Hooge. Ze vonden deze ‘veilig en diep’ maar alles behalve comfortabel:

[het was] erg vochtig en somber. Er sijpelde zoveel water door dat een groep constant aan de pomp moest werken, anders steeg het water snel tot enkeldiepte. Op de één of andere mannier doofde dit alle elektrische lichten waardoor de hele plaats donker was.

L M Newton, The Story of the Twelfth: A Record of the Story of the 12th Battalion during the Great War of 1914–1918, Hobart, 1925, blz.363

Australische tunnelgravers graven schuilholen bij Hooge, Meenseweg, 18 september 1917. [AWM E02094]

Australische tunnelgravers graven schuilholen bij Hooge, Meenseweg, 18 september 1917. [AWM E02094]

Grafsteen van sappeur Arthur Hodder, 1ste Australische Tunnel Compagnie, Menin Road South Cemetery, Ieper. [DVA]

Grafsteen van sappeur Arthur Hodder, 1ste Australische Tunnel Compagnie, Menin Road South Cemetery, Ieper. [DVA]

Op 18 september 1917 bevond sappeur Arthur Hodder van de 1ste Australische Tunnel Compagnie, uit Lithgow, New South Wales, zich in een vrachtwagen die hem en anderen naar hun werk bracht om hout naar schuilholen bij Hooge te dragen. De vrachtauto werd bij Hellfire Corner opgehouden toen deze door een granaat getroffen werd en 23 soldaten gedood of gewond werden. Hodder ligt begraven in perceel I, rij U, graf 7 en anderen van de 1ste Australische Tunnel Compagnie, die ook op die dag stierven, liggen naast hem begraven.

Menin Road South Cemetery [DVA] Menin Road South Cemetery [DVA]

Menin Road South Cemetery [DVA] Menin Road South Cemetery [DVA]

Menin Road South Cemetery [DVA]

Menin Road South Cemetery [DVA]

Grafsteen van kanonnier Charles Podger, Australische Veldartillerie, Menin Road South Cemetery, Ieper. [DVA]

Grafsteen van kanonnier Charles Podger, Australische Veldartillerie, Menin Road South Cemetery, Ieper. [DVA]

Er zijn ook artilleristen op Menin Road South te vinden. Kanonnier Charles Podger van de 5de Brigade, Australische Veldartillerie, bediende op 16 september 1917 de kanonnen bij Hellfire Corner. Als nieuwe recruut in de batterij was Podger de administrateur van de eenheid en hij was in zijn schuilhol munitievoorraden aan het controleren toen een zwaar explosieve granaat dichtbij ontplofte en hem doodde. Korporaal Berkley Withers van de 5de Brigade, beschreef Podger als 28 jaar oud, 1,77 meter lang, tenger gebouwd, enigszins gebogen met een lichte gelaatskleur en beter bekend als ‘Charlie’. Ze begroeven ‘Charlie’ dichtbij, tegenover een veldhospitaal en toen de oorlog voorbij was, moesten ze zijn stoffelijk overschot niet ver dragen naar zijn laatste rustplaats in Menin Road South Cemetery, perceel I, rij Q, graf 37.


Map icon
Deze site wordt regelmatig aangevuld. Zie de Updates pagina voor regelmatige nieuwe toevoegingen.

© 2008 Department of Veterans' Affairs and Board of Studies NSW :: Last update - November 2008